Uitwerking biodiversiteitcharter in Mortsel
Lokaal actieplan 2011-2012

Inleiding

Midden vorig jaar (n.v.d.r.: 2010) werd naar aanleiding van de viering van 20 jaar natuurbeheer in het natuurdomein Klein-Zwitserland door de stad Mortsel en Natuurpunt - afdeling Land van Reyen (kern Mortsel) het Charter voor de Biodiversiteit ondertekend. Niet toevallig hebben in 2010, het internationaal jaar van de biodiversiteit, niet minder dan 70 andere steden /gemeenten dit ondertekend. Ook de komende jaren kan het Charter (dat Natuurpunt nog verder aanbiedt o.m. aan lokale overheden en verenigingen) nog worden onderschreven.

Doel en stappenplan

Dit samenwerkingsverband is gestoeld op voornamelijk vier pijlers:

  • Kennis of het samenbrengen van gegevens
  • Communicatie tussen partners onderling en naar het brede publiek toe
  • Betrokkenheid verhogen door het stimuleren van doelgroepen en het middenveld
  • Concrete (terrein-)acties i.v.m. het behoud en het herstel van leefgebieden en soorten

De flexibiliteit van het charter is het grote voordeel: het bestaat uit een basisversie, die aangevuld kan worden met een actieplan, aangepast aan de lokale context. Het charter is onderverdeeld in vier actiedomeinen, namelijk:

  1. gebiedsgericht (G)
  2. soortgericht (S)
  3. natuur dicht in de buurt (NB)
  4. natuur voor iedereen (NI)

Het is de bedoeling dat de gemeente tijdens deze legislatuur voor elk van deze domeinen minstens twee biodiversiteitacties onderneemt.

De huidige legislatuur van het schepencollege loopt nog tot eind 2012. Het is dan logisch een actieplan voor te stellen dat een onderscheid maakt tussen acties op korte termijn (ter realiseren voor 2013) en middenlange en lange termijn (acties te realiseren voor volgende legislatuur).

In 2013 kan voorliggend actieplan geactualiseerd worden en opnieuw aan het nieuwe schepencollege voorgelegd worden. Op deze wijze zou continuïteit gegarandeerd moeten worden.

Algemeen beleid (en draagvlak)

Mortsel is een sterk verstedelijkt gebied maar bevat toch nog een aantal groene parels zoals Fort 4, Klein-Zwitserland, Koude Beekvallei en de spoorweg- en wegbermen …. Naast het behouden of versterken van natuurwaarden in deze gebieden is er ook nog een belangrijke nieuwe uitdaging: het integreren van de natuur in dat wat de stad tot stad maakt: de gebouwen, de straten, de pleinen, (voor-)tuinen, … .

Er bestaan tal van oplossingen om natuuraspecten te integreren in bouwprojecten. De milieuraad heeft dan ook in het verleden terecht gevraagd aan het stadsbestuur om in bouwconcepten expliciet rekening te houden met de typische vereisten van de stadsfauna en -flora. Door zo de gepaste leefruimte te creëren slagen we erin nog meer “natuur” in de stad te brengen.
Tevens moet ook rekening worden gehouden met de waterbiotopen aanwezig in onze stad. Particulieren, bedrijven en overheden – waar mogelijk en gewenst – stimuleren tot, betrekken bij en ondersteunen in het met streekeigen en soortendivers aanleggen en onderhouden van tuinen, terreinen en domeinen. Men zou er verder op moeten toezien dat groenverbindingen ontstaan tussen de (kleinere) groengebieden,

Zoals in het Memorandum van de milieuraad Mortsel gesteld wordt ook werk gemaakt i.v.m. aandachtspunten voor de nieuwe ruimtelijke uitvoeringsplannen en de bijhorende regelgeving. Sommige onderdelen van de ruimte zijn zo kwetsbaar dat ze niet vernieuwbaar zijn: als ze verdwijnen is dat onherroepelijk. De volgende generaties kunnen er dan geen gebruik meer van maken.
Eén van de meest kwetsbare onderdelen van onze leefomgeving is de open, niet bebouwde ruimte. Eens ruimte bebouwd en versnipperd raakt, is het zeer moeilijk of zelfs onmogelijk om de klok nog terug te draaien. De levenskwaliteit in een stad hangt sterk af van de aanwezigheid van openbaar groen in de nabijheid van de woning. De milieuraad stelt daarom voor om de Nederlandse min. groennorm na te streven. Ook dient dit groen kwalitatief én toegankelijk te zijn.
In het Vlaams Milieurapport (MIRA) is ook een norm opgesteld voor toegankelijk groen in stedelijke omgevingen (www.mira.be of www.natuurindicatoren.be). Sommige steden (o.a. Gent) passen deze al toe.

Eveneens zou er gestreefd moeten worden naar een kwaliteitsverbetering zowel van het privé als van het publieke groen.

Actieplan

Zoals eerder gesteld dient er in het actieplan onderscheid gemaakt te worden tussen:

  • Prioritaire acties (vet): nog uit te voeren in 2011 en 2012 (deze legislatuur)
  • Acties nog op te starten tijdens deze legislatuur en af te ronden in volgende legislatuur (gewone tekst)
  • Minder prioritaire acties (op te starten en uit te voeren tijdens volgende legislatuur: 2013-2018 (cursief)

Een aantal van vernoemde acties kan nog verder worden geconcretiseerd (Wie, Wat, Waar, Wanneer).

Gebiedsgericht (G)

  1. De beheerovereenkomst over Klein-Zwitserland tussen de stad en Natuurpunt blijvend ondersteunen (incl. het gratis gebruik van de Hoeve Dieseghem voor natuuractiviteiten opgezet door het verenigingsleven : zie verder onder punt NI-2.
  2. Toezien bij de opmaak van het RUP’s dat deze een ecologische invulling en inrichting krijgen (bv. aanleg en beheer bomenrijen en/of houtkanten incl. knotwilgen) bv. RUP-Koude Beekvallei (Boechout/Mortsel); RUP-Sportlandschap (Fortloop); RUP-Oude God. Natuurpunt, milieuraad en VELT kunnen de gemeente hierover adviseren. Ook tussen de divers RUP's moet er steeds op toegezien worden dat mogelijke natuurverbindingen tot stand kunnen worden gebracht.
  3. Verder samenwerking met de provinciale dienst waterbeleid rond de Koude Beek (incl. voorzien van ruime bufferstroken).
  4. Bij waterberging en waterinfiltratie (of waterbuffering) voorzien:
    • ter hoogte van Park Savelkoul (dit in het kader van de uitvoering van het totaal rioleringsplan Koude Beek)
    • door Kleine Struisbeek (ter hoogte van Vredebaan-Minervastraat – Fort 5) en Grensbeek/Zilverbeek (ter hoogte van Agfa Gevaert- Berchem) open leggen
    • door herziening grachtenstelsel (tegenover Blauwe Regen) in Koeiesteerthofdreef zodat de afwatering meer natuurlijk is
    • door promotie en ondersteuning van groendaken
  5. Opstellen en uitvoeren van een ‘harmonisch’ parkbeheerplan voor Fort 4 (met aandacht voor het soortenbeleid) en een RUP dat rekening houdt met de aanwezige natuur(elementen).
  6. Mortsel voert een ecologische wegbermbeheer, Indien ze niet zelf bevoegd is, zou ze verder moeten aandringen bij de bevoegde instanties (Vlaamse gewest, Provincie, …) om de groenbermen langs de wegen, fietswegen, waterlopen, zoveel mogelijk ecologisch te beheren.
  7. (Oude) spoorwegbermen (bv. Krijgsbaan) kunnen in samenspraak met de aangelanden (en Infrabel) een meer natuurlijke verbinding vormen.
  8. Voor zover mogelijk een meer ecologische beheer en inrichting van kerkhoven (Mortsel Dorp en Krijgsbaan).
  9. Het bewaren van groene (rest-)elementen (Windhoek, Blauwe regen, Kasteeltje Gevaert-Deurnestraat, Kasteel Cantecroy, Parkje Savekoul,…). Voor publieke restruimte: meer ecologisch beheren; voor de private restruimte: het stimuleren van een ecologisch beheer.
  10. De signalisatie naar Klein-Zwitserland verhogen/verbeteren (bv. wegwijzer ter hoogte hoek Eggestraat en H. Conciencelaan). De mogelijke vrijgekomen gronden van Infrabel naast de gebouwen Rode Kruis laten aansluiten en toevoegen bij Klein-Zwitserland.
  11. Bij het Vlaams gewest en de Provincie erop aandringen om mogelijke aanleg van ecoduct (en fietstunnel) t.h.v. Koude Beek aan Liersesteenweg/Provinciesteenweg te realiseren.

Soortgericht (S)

  1. Het Gemeentelijk Natuur Ontwikkelingsplan uit 1996 (GNOP) actualiseren.
  2. Plaatsen van gierzwaluwkasten aan daartoe geschikte openbare gebouwen: het stadhuis, Fort 4, Academie Beeldende Kunst, Hoeve Dieseghem, en het promoten van vogelkasten voor privégebouwen bv. Kerken (kerkuil), Agfa Gevaert (slechtvalken), ..
  3. Inrichting en onderhoud van vleermuizenverblijven op Fort 4 en andere mogelijke locaties onderzoeken.
  4. Het verder zetten van hooilandbeheer (2x per jaar maaien met afvoer van maaisel) van gronden achter de begraafplaats Cantecroy, gronden aan de Koude Beek (Ter Beke), gronden aan de Bessemstraat, gronden tussen Drabstraat en Neerhoevelaan.
  5. Aanleg en onderhoud van hoogstamboomgaard(en) met authentieke fruitrassen op publiek toegankelijke plaatsen (naar het voorbeeld van de fruittuin aan de Bessemstraat/Koude Beek)
  6. Aanleg en beheer van KLE (met aandacht voor knotwilgen) o.a. op gronden in eigendom van het stadsbestuur.
  7. Actief ‘groen’ tuinenbeleid (naar flora en fauna) voeren. Naar analogie van het gemeentelijk Pesticidenreductiebeleid (‘zonder is gezonder’) de inwoners sensibiliseren om geen gebruik meer te maken van pesticiden en enkel autochtoon plantenmateriaal te gebruiken. Ook aandacht voor vlinders, insecten (bv. solitaire bijen), vogels, zoogdieren, amfibieën, ... kan hier onderdeel van uitmaken. Dit betekent een actieve communicatie opstarten met de inwoners (via info-Mortsel, brochure, website) over natuurvriendelijke tips voor de tuin(-aanleg).
    Ook een wedstrijd inrichten 'Open Tuinen' en/of cursus inleggen 'Natuur in de tuin' kan hierbij een hulpmiddel zijn. Mogelijks kunnen de technische scholen mee ingeschakeld worden (bv. aanleveren van materiaal zoals vogelkasten, …).
    Door via relatief eenvoudige ingrepen kunnen het aantal soorten aan wilde bijen, vlinders, vogels in parken, tuinen en natuurgebieden verhoogd worden (bv. plaatsen van nestgelegenheid insecten, door een goede plantenkeuze, diverse nestkasten, …).
  8. Een exotenbestrijdingsplan opstellen voor heel het grondgebied van Mortsel voor de bestijding (op ecologische wijze) van bv. Japanse duizendknoop, (rood)wangschildpadden en Canadese ganzen in Fort IV-vijver, Amerikaanse vogelkers, waterplantexoten in waterlopen, ….

Natuur in je buurt (NB)

  1. De doelgroep (vnl. landbouwers) actief sensibiliseren zodat ze gebruik zouden maken van de Vlaamse (VLM) subsidies om kleine landschapselementen (KLE’s) aan te leggen in landbouwgebied (o,a, op gronden van OCMW en ANB) .
  2. Verdere ondersteuning van de jaarlijkse actie ‘Behaag … natuurlijk’ op maat van Mortsel.
  3. Sensibiliseren van de inwoners zodat ze hun voortuintjes open zouden houden en voorzien van planten/bloemen (en niet verharden).
  4. Accuraat en systematische controleren of de voorgeschreven ‘groenbuffers’ in de bouwvergunningen consequent werden uitgevoerd.
  5. Een bomeninventaris opstellen (in GIS) vnl. alle solitaire straatbomen. Ook zouden de meest oude en waardevolle bomen op pivé domein eveneens in kaart kunnen worden gebracht. Dit zou dan een start kunnen betekenen voor het ontwikkelen van en groendindex die dan om de vijf jaar kan worden geëvalueerd.
  6. Natuurpunt spreekt i.s.m. de stad actief bedrijven aan om acties rond 'natuur en biodiversiteit' uit te stippelen en te promoten op hun eigenbedrijfsterrein (bv. Amadeus, Fanatics, De Brug, Heine, ELIA, ...)

Natuur voor iedereen (NI)

  1. Ondersteuning van vrijwilligerswerk ten voordele van de natuur. Deze kan bestaan uit 'educatieve' ondersteuning aan natuurgidsenwerking op Fort 4 en Klein-Zwitserland; ondersteuning van de fortgidsen (bv. door vorming aan te bieden) maakt hier tevens onderdeel van uit. Ze kunnen mee worden ingeschakeld bij natuur- en milieusensibiliseringsacties (bv. Nacht van de duisternis, de (Europese) Dag van de Vleermuis, ... ); (logistieke) ondersteuning aan de Natuurpuntvrijwilligers voor hun beheersactiviteiten, ...
  2. De Hoeve Dieseghem kan diverse functies invullen m.b.t. natuurondersteuning aan bieden: cursusruimte, vergaderlocatie, cafetaria (zondag) met verkoop van natuurproducten (velt-producten, imkerproducten, oxfam-producten, natuurpunt-producten).
    In Fort 4 zou ook ruimte moeten worden voorzien voor natuureductieve functies zoals bv. permanente tentoonstellingsruimte (vleermuizen), …
  3. Organiseren van een zwerfvuilacties in groengebieden i.s.m. gemeentelijke scholen en (jeugd)verenigingen (bv. Klein-Zwitserland, Fort 4, bermen, …). De stad zorgt ervoor dat de deelnemers verzekerd worden tegen ongevallen,
    Aanvullend zou ook actief gebruik moeten worden gemaakt van de gemeentelijke administratieve sancties (GAS) zodat er na controle/inspectie een bestraffing kan worden opgelegd aan vervuilers.
  4. Gebruik van gemeentelijke infokanalen om geregeld over lokale natuurwaarden te berichten aan de inwoners van Mortsel (bv. via website en/of gemeentelijk infoblad) (zie ook punt S-7).
  5. Tevens brengt het stadsbestuur i.s.m. Natuurpunt en andere verenigingen een (speciale) uitgave uit met als thema: ‘Genieten van de Mortselse groene (rest-)gebieden’. Dit kan passen in de reeks van de reeds eerder gepubliceerde uitgaven: ‘Fietsen in Mortsel (Fietstocht langs enkele historische plaatsen)’, ‘Wandelen in Mortsel (Historische wandeling - bombardement 5 april 1943)’ en ‘Verleden en toekomst FORT 4’. Deze nieuwe uitgave wordt daarna op een gebruiksvriendelijke wijze op de gemeentelijke website ter beschikking gesteld.
  6. Een actief en ecologisch beleid ontwikkelen rond volkstuintjes i.s.m. VELT zodat deze bijdragen aan een verhoogde biodiversiteit in Mortsel.

Bovenstaande tekst is de versie van het schepencollege 2011-03-27

In de afbeelding hieronder zie je het charter ondertekend door de (toenmalige) burgemeester Ingrid Pira.

BiodiversiteitsCharter van Mortsel ondertekend door burgemeester Pira

  Terug naar begin van artikel

Overzicht van groene gebieden in Mortsel die aandacht vragen

 

Inschrijven nieuwsbrief
Mis geen activiteit, blijf op de hoogte van het laatste nieuws en ontvang onze nieuwsbrief Het Oranjetipje
captcha 
Vul in het laatste veld de 3 blauwe tekens in.
Lees hier hoe wij jouw privacy respecteren.
Werken in én voor de natuur? Vervoeg je bij andere vrijwilligers van onze beheerteams en schrijf je hieronder in. Dan verwittigen we je wanneer we op het veld gaan werken.
captcha 
Vul in het laatste veld de 3 blauwe tekens in.
Lees hier hoe wij jouw privacy respecteren.